Recept: Kaneelbroodjes met pecannoten

 

cinnamon-rollsIn het weekend heb ik vaak zin om te bakken. Afgelopen zondag waaide het behoorlijk buiten. Ik voelde me niet zo lekker (keelpijn, bleehh) en ik besloot om binnen te blijven. Ik wilde al een tijdje kaneelbroodjes, of zoals ze in het Engels genoemd worden, cinnamon rolls maken. Ik vind ze er altijd zo lekker uit zien als ik ze ergens tegen kom. Uiteindelijk bleek het maken van de kaneelbroodjes helemaal niet zo moeilijk. Je bent er wel even mee bezig, maar als je bakken leuk vind is dat natuurlijk geen probleem. Ik ben zelf gek op noten en probeer deze graag te combineren in gerechten. Daarom heb ik een twist aan het recept gegeven door pecannoten toe te voegen.

De kaneelbroodjes komen oorspronkelijk uit Zweden. Daar heten ze kanelbulle. Je bent ze vast wel een keer tegen gekomen in de Ikea. Ze zijn in Zweden zo gek op de broodjes dat ze er een feestdag voor hebben verzonnen. Sinds 1999 is het op 4 oktober in Zweden kannelbullens dag. In de Verenigde Staten eten ze de broodjes, cinnamon rolls, als ontbijt. Er zit dan nog een zoete icing overheen. Ik vind dat persoonlijk minder lekker. Maar dat ligt misschien aan het feit dat ik niet zo een zoetekauw ben.

Ingrediënten voor ongeveer 10 kaneelbroodjes

Voor het deeg:

100 gram kristalsuiker
7 gram gist
500 gram bloem
2 eieren + 1 ei om mee in te smeren
150 ml melk
150 gram boter
Een snufje zout

voor de vulling:

1 ei
150 gram basterd suiker
100 gram zachte boter
4 theelepels kaneelpoeder
een flinke hand pecannoten

mixenDoe de bloem, de suiker, de gist, het zout en de eieren in een beslagkom. Smelt de boter in een steelpan. Voeg de melk aan de gesmolten boter toe laat dit warm worden. Als het melk-boter mengsel warm is kan het bij de rest in de beslagkom. Roer met een mixer met deeghaken de ingrediënten door elkaar tot het een zachte en veerkrachtige bol is.Vet een schone kom in met boter. Leg de bol in het midden op de bodem van de kom en dek het af met vershoudfolie. Laat het deeg een half uur rijzen in de koelkast.

Hak de pecannoten fijn. Doe de (zachte) boter, basterdsuiker, kaneelpoeder en het ei bij de noten en meng dit tot een zachte pasta. Proef of de pasta op smaak is. Voeg, indien nodig nog suiker, noten of boter toe.

Verwarm de oven alvast voor op 200 graden. Gooi een handje bloem op het oppervlakte waar het deeg uitgerold gaat worden. Rol het deeg uit tot een plak van 25 x 50 cm en zorg dat het deeg 1,5 centimeter dik is. Zorg dat het uitgerolde deeg de vorm heeft van een rechthoek. De broodjes worden dan gelijkmatiger.

Smeer het deeg in met de vulling. Zorg dat overal op het deeg evenveel van het smeersel zit. Rol het deeg op zodat je een grote “worst” hebt. Snijd het deeg in stukjes van ongeveer 2 centimeter. Vet een ovenschaal in met boter. Leg de kaneelbroodjes plat naast elkaar in de ovenschaal. Ze hoeven niet tegen elkaar aan te liggen. Tijdens het bakken zetten de rolletjes nog uit zodat ze uiteindelijk tegen elkaar aan liggen. Vet de bovenkant van de broodjes in met een losgeklopt ei. Zo komen de broodjes mooi glanzend uit de oven. Zet de ovenschaal ongeveer 25 minuten in de oven. Na een minuut of 5 zal het heerlijk gaan ruiken in huis.

De kaneelbroodjes zijn extra lekker als het stormt buiten en jij zit lekker warm binnen ;).  Ook leuk om met kinderen te maken!